| Hechtingsproblematiek |
| zaterdag 22 mei 2010 00:00 |
|
onveilige hechting
Kinderen met een verstandelijke beperking zijn vaker onveilig gehecht dan andere kinderen. Dit heeft verschillende oorzaken: * Door cognitieve beperkingen: moeite onderscheid maken tussen doel en middel, oorzaak en gevolg. Vb. als ik huil, word ik opgepakt. En moeite om een model van verwachtingen op te bouwen omdat alle situaties verschillen. Deze kinderen hebben pas het inzicht in wat ze kunnen verwachten als de situatie zowat identiek is. Wat is een hechtingsstoornis Hechtingsstoornis, Reactieve Hechtingsstoornis of zoals het niet-officieel ook genoemd wordt Geen-Bodem -Syndroom is een stoornis die bij biologisch eigen kinderen kan voorkomen, maar ook bij pleeg, adoptiekinderen en verstandelijk beperkte kinderen gediagnosticeerd wordt. Kinderen die aan deze stoornis lijden, slagen er niet in om zich op een gepaste wijze emotioneel te hechten aan hun ouders of anderen die voor hun zorgen. De oorzaak kan liggen in verwaarlozing of mishandeling (geestelijk of lichamelijk), maar kan ook ontstaan als het kind niet voldoende gelegenheid krijgt om emotionele banden te vormen, bijvoorbeeld als het regelmatig andere verzorgers krijgt. Vaak is dit het geval bij kinderen met een verstandelijke beperking. Deze kinderen worden uithuis geplaatst en groeien op in een instelling. In deze instelling krijgt het kind regelmatig andere verzorgers. Hierdoor krijgt het kind niet de kans om zich aan één persoon, wat in eerste instantie de ouders zouden moeten zijn, te hechten. Het komt zelfs voor dat de band die hulpverleners met een verstandelijk gehandicapt kind opbouwen sterker is dan die tussen de ouders en het kind. Dit heeft te maken met het feit dat een hulpverlener een basishouding ten opzichte van het kind aanneemt. Hierdoor wordt structuur en zekerheid geboden en dit is precies waar een kind met een verstandelijke beperking behoefte aan heeft.Hechtingsstoornis; het woord zelf zegt het eigenlijk al, het niet op een goede manier kunnen hechten. Over het woord hechtingsstoornis wordt verschillend gedacht, sommigen noemen het ook relatiestoornis. Diagnostische criteria DSM-IV, 313.89 Reactieve Hechtingsstoornis § een voortdurend mislukken om op een aan de leeftijd aangepaste wijze sociale interacties te stellen of erop te antwoorden, zoals duidelijk door overdreven geremde, overalerte of erg ambivalente en tegenstrijdige reacties; 2. De stoornis mag niet te wijten zijn aan een algemene ontwikkelingsstoornis zoals een mentale handicap, of een symptoom zijn van een pervasieve ontwikkelingsstoornis zoals het autisme. 3. Er moeten sporen zijn van een vroegkinderlijke verwaarlozing: § verwaarlozing van de fysieke basisbehoeften (verzorging, voeding); Hechtingsproblematiek bij kinderen met een beperking Toch kan zich bij een kind met een beperking een gestoorde hechting ontwikkelen. Een kind een veilige basis meegeven, zodat het kind zich veilig kan hechten, vraagt veel investering en zorg. Een kind met een beperking dezelfde veilige basis geven, vraagt nog meer van ouders, maar ook van de begeleiders. Kinderen met een beperking zijn wel in staat om zich te hechten. Onderzoeken bevestigen dat een goede hechting ook nog op latere leeftijd gerealiseerd kan worden. Hiervoor geldt wel een belangrijke voorwaarde: de ouder of verzorger moet sensitief zijn en is hierdoor in staat de signalen van het kind op te vangen, waar te nemen en hierop te reageren. Ook een voorwaarde is dat de omgeving stabiel is, er niet voortdurend sprake is van wisselende begeleiders en bewoners; . Dat vraagt enige aanpassing; een nieuwe vorm van samenwerken en communiceren; denken en goed op elkaar leren afstemmen. Ouders van een kind met een beperking zijn niet altijd in staat om deze aanpassing te leveren. Kinderen met een beperking zouden door hun beperkte denkcapaciteit meer moeite kunnen hebben om meer complexe verwachtingen over het gedrag van hun ouders of verzorgers op te bouwen. Het is niet ondenkbaar dat dit soort kinderen door hun cognitieve beperkingen alleen maar verwachtingen over het gedrag van anderen kunnen opbouwen als de ouder/verzorger iedere keer op exact dezelfde wijze reageert. De meeste ouders/verzorgers zullen echter iedere keer weer net even anders reageren Kinderen met een gestoorde hechting laten dit voornamelijk zien in de vorm van gedesorganiseerd gedrag wat door de ouders als onverstaanbaar wordt gezien. Kenmerken die kunnen wijzen op hechtingsproblemen * het kind zoekt geen troost als het pijn heeft, bang is of zich niet goed voelt, of het zoekt troost op een vreemde of dubbelzinnige manier, door een mengeling van toenadering en afweer; |
Meest gelezen
Welkom
"Gewoon een beetje anders"
Daarmee bedoelen we kinderen die opvallen omdat ze anders zijn. En dat is niet altijd aan de buitenkant te zien. Deze site is er voor ú als ouder van een kind dat uniek en bijzonder is en speciale zorg nodig heeft. Hier willen wij u 'wegwijs tussen de bomen van het bos' maken.